Praktische oplossingen voor deze dilemma’s: ik of wij en u of jij?

Je hebt een eigen onderneming of bent als medewerker in dienst van een bedrijf of organisatie en je wilt een tekst schrijven. Bijvoorbeeld een zakelijke brief, een facebookbericht, een folder of een compleet nieuwe website met professionele teksten. Hoe presenteer je je dan? Gebruik je ik of wij? En spreek je de lezer aan met je of u?

Drie voorbeelden van ik of wij

Je bent eigenaar van een bedrijf en hebt geen personeel in dienst

Stel, je bent een vakkundig webdesigner en hebt absoluut geen plannen om je bedrijf uit te breiden. Dan kun je kiezen om ik te gebruiken. Wij kan natuurlijk ook, je vertegenwoordigt immers je bedrijf. Ben je van plan om je bedrijf uit te breiden en personeel in dienst te nemen, gebruik in dat geval sowieso wij. Zo hoef je in de toekomst, als je bedrijf groeit, geen teksten aan te passen.

Je bent eigenaar van een bedrijf en hebt wel personeel in dienst

Je bent bijvoorbeeld eigenaar van een goed lopend administratiekantoor en hebt vijf medewerkers die samen met jou je bedrijf draaiende houden. Gebruik dan we of wij. Houd echter wel rekening met je lezer. Is het van belang dat de lezer weet dat het om een onderwerp gaat waar jij alleen verantwoordelijk voor bent, gebruik dan ik.

Je bent medewerker van een bedrijf of organisatie

Misschien werk je als ondersteunend ambtenaar bij een gemeentelijke organisatie en ben jij het gezicht naar buiten toe. Kies in dat geval voor wij, omdat jij de directe vertegenwoordiger bent van de organisatie waar je voor werkt. Ook hier geldt weer: denk aan de lezer, maar ook aan de afzender: namens wie of wat schrijf je je tekst?

Conclusie

Allebei mag dus. Zorg dat het gebruik van ik of wij niet tot verwarring leidt. Verplaats je altijd in de lezer en wees duidelijk: zet de lezer centraal en niet jezelf. Als je ik of wij vermijdt, maak je het jezelf gemakkelijker, maar ook minder persoonlijk.

Als je nog steeds u gebruikt in geschreven teksten

Denk dan eens aan het volgende.

Vroeger was het gebruik van u veel gangbaarder dan nu. Daar waar mijn ouders hun ouders nog aanspraken met u, heb ik dat nog nooit gedaan. Het was altijd je en jij. Wel sprak ik mijn opa en oma aan met u. En dat deed ik ook bij ouders van vrienden of vriendinnen. Mijn kinderen zeggen je tegen mij. En ook opa’s en oma’s vinden het tegenwoordig prima als ze met je worden aangesproken. In de loop van de tijd verandert de manier waarop we met elkaar communiceren: we gaan steeds informeler met elkaar om.

Maar hoe zit dat nou met geschreven teksten? Hiervoor zijn geen duidelijke regels. U creëert respect, maar kan ook afstandelijk overkomen. Gaat het om een formele, zakelijke tekst dan is het gebruik van ‘u’ aan te raden. Officiële instanties, overheden, banken enzovoort gebruiken daarom vaak u. Dat komt respectvol over, zeker als het een formele relatie betreft.

Conclusie

Ook hier geldt weer: verplaats je in de lezer. Maar denk ook aan de relatie die jij hebt met jouw doelgroep. Gaat het om een informele relatie dan is jij natuurlijk prima. Ken je iemand niet of nauwelijks, dan is u meestal beter.

 

Contact Us

We're not around right now. But you can send us an email and we'll get back to you, asap.

Not readable? Change text. captcha txt
®Caroline Kat